Syngenta en duurzame landbouw

Medio juni bezochten we in de omgeving van Les Bon Villers het Syngenta demo proefplatform. De nadruk ligt er op ziektebestrijding in wintertarwe en wintergerst en de onkruidbestrijding in mais. Syngenta werkt ook aan verschillende duurzaamheidsprojecten en coöpereert hiervoor samen met vooruitstrevende telers.  Eén daarvan is de Interra boerderij in Ittre waar Syngenta samen met de familie Jolly op een oppervlakte van 307 ha het project duurzame landbouw in de praktijk omzet.

De boerderij van de familie Jolly te Ittre is één van de 11 demoboerderijen van het Interra Farm Network in 8 landen van Europa. Het bedrijf werd in 1985 opgericht door Ferdinand Jolly die het nu samen met zijn zoon Christophe runt.  Het bedrijf telt 307 ha waar hoge productiviteit gecombineerd wordt met bescherming van natuurlijke bronnen zoals grond, water en biodiversiteit. Gewassen zijn onder andere wintertarwe, wintergerst, aardappelen, mais en aardbeien.

Bijzonder is dat de familie Jolly zowel de klassieke als de biologische landbouw combineert. Ruim 60 ha is voorbehouden voor de biologische landbouw. “Zo kunnen we het bodemleven en de bodemfauna vergelijken met de klassieke benadering. Bovendien is ruim 8 % of 24 ha van het areaal voorbehouden om de biodiversiteit te verhogen. Dat gebeurt onder meer door de aanleg van bloemenranden, faunastroken, erosiestroken en een poel. Ook agroforestry is aanwezig op ons bedrijf. Op heel wat percelen passen we minimale grondbewerking toe en wordt er compost gebruikt”, vertelt een engageerde Christophe Jolly.”Door bufferstroken aan te leggen naast erosiegevoelige percelen verliezen we in theorie wel teeltoppervlakte, maar voorkomen we schade door modderstromen, die soms kan oplopen tot 10 % opbrengstverlies. Door het aanleggen van bloemenstroken zorgen we dan weer voor voldoende bestuivers en worden we naast landbouwer ook landschapsarchitecten”, besluit Christophe.

Samenwerking met ICL en New Holland

Sinds begin 2015 werken Israel Chemicals Ltd (ICL), New Holland en Syngenta samen op de Interra Farm van de familie Jolly. Alle partijen vinden het belangrijk dat meststoffen en gewasbeschermingsmiddelen op een verantwoorde manier worden gebruikt.

ICL, wereldwijd leider op het gebied van gespecialiseerde meststoffen, heeft op het bedrijf gecoate (gecontroleerde vrijkomende) meststoffen geïntroduceerd in de aardappelen-, mais- en aardbeienteelt. Gecoate meststoffen zijn NPK granules die een coatingslaag hebben waardoor de nutriënten geleidelijk vrijkomen. De voordelen hiervan zijn dat er beduidend minder nutriënten uitspoelen, de plant gedurende de groeifase een continue en constante nutriëntenaanvoer heeft en dat er slechts één toediening nodig is. Op de Interra Farm te Ittre brengt ICL het “Less is more’-principe in de praktijk. Door het gebruik van efficiëntere meststoffen zoals mestkorrels met E-Max Coating kunnen dezelfde of betere resultaten worden bereikt, waarbij de totale hoeveelheid meststoffen wordt gereduceerd.

New Holland heeft zich aangesloten bij het Interra Farm Network omdat zijn oplossingen voor precisielandbouw kaderen onder het motto ‘Meer doen met minder’. Door de tractoren op het bedrijf Jolly uit te rusten met een automatisch besturingssysteem via gps, dat gebruik maakt van het New Holland RTK-netwerk, wordt er tot op 2 cm nauwkeurig gewerkt.

Syngenta heeft onder andere op de boerderij Jolly, Heliosec geïntroduceerd. Op het bedrijf is een wasplaats voorzien, waarbij de betonnen ondergrond afhelt naar een put. Daar wordt alle water opgevangen en doorgepompt naar de Heliosec, een soort vergaarbak. Zon en wind verdampen het water en de reststoffen blijven achter in de Heliosec, die vervolgens zorgvuldig afgevoerd kunnen worden via Phytofar Recover.  Dit is een voorbeeld van hoe Syngenta het begrip duurzaamheid een concrete invulling geeft op deze Interra-site.

Proefveldwerking

Op het proefplatform in de omgeving van Les Bon Villers toonde Syngenta ook de resultaten van hun nieuwste graanfungicide Solatenol. Solatenol is een graanfungicide dat het laatste blad langdurig beschermt tegen ziekten. Solatenol is breed toegelaten in granen: in winter- en zomertarwe, winter- en zomergerst, winter- en zomerrogge, triticale en spelt. De werkzame stof benzovindiflupyr in Solatenol wordt steeds in combinatie met een triazool aangeboden. De combinatie van deze stoffen zorgt voor een lange werking op vrijwel alle bladziekten, zoals Septoria en gele- en bruine roest in tarwe en op netvlekkenziekte, bladvlekkenziekte en Ramularia in gerst. “Het ideale tijdstip voor de toepassing ervan is het moment van het laatste blad of aarbespuiting, waardoor het blad langer gezond en groen blijft”, aldus  Wouter Keppens, campagnemanager van Syngenta. Keppens gaf nog mee dat Syngenta niet meer investeert in de vermeerdering van de klassieke wintergerstrassen, maar volledig inzet op de hybride-variëteiten.

Spuittechniek knolcyperus in mais: hoeveelheid water is bepalend

In samenwerking met het POVLT in Bocholt werd een participatieproef aangelegd om knolcyperus te beheersen. In het verleden werd knolcyperus gerelateerd aan lichte grond, maar het probleem deint  uit over heel Vlaanderen, zelfs op de zwaardere gronden. Te Bocholt werd gewerkt met verschillende type doppen en watervolumes. Mario Larou, gewasadviseur Syngenta, stelt dat een volume van 400 liter het minimum is. “Volumes van 100 à 200 liter water zorgen enkel voor een verkleuring en hebben dus geen effect op knolcyperus. Het middel moet in de plant kunnen dringen door gebruik van een dop die een hoog volume kan verwerken, dus met een grove druppel en een grote hoeveelheid water, pas bij 400 en 800 liter per ha krijg je een bestrijding.”

%d bloggers liken dit: