Loonwerker in beeld: Loon- en grondwerken Willem Claeys (Waarschoot)

“Origineel uit de hoek komen om ons te onderscheiden.”

Telkens wanneer De Loonwerker in de brievenbus van de familie Claeys valt, heerst er een strijd voor wie het blad eerst in handen krijgt. “Meestal trekt de driejarige zoon Joren aan het langste eind”, geeft Willem toe. Verder keken vader en zoon erg uit naar de eerste werkuren met hun nieuwe Claas-maaidorser. Die aankoop zorgde weer voor een extra boost in Waarschoot.

Mosterd gehaald in de bergen
SIZED__Q4A4941Op zijn achttiende had Willem Claeys niet veel meer dan een GSM en koelbox. Als zelfstandig machinist ging hij werken voor EcoService Europe / AgriService Zeeland in Oostburg, één van de bedrijven van Rinus Kunst en Wilfried Nielen. Willem reed vooral met de sleepslangencombinatie maar kon na vijf jaar met alles uit de voeten. Vanaf toen lag de uitdaging in het opstarten van zijn eigen zaak. “Ik wou iets doen wat een ander niet deed. Ik twijfelde of het sleepslangenverhaal in 2005 al zou aanslaan in Vlaanderen. Daarom ging ik mijn mosterd halen in Oostenrijk en Zwitserland waar ze het afbrokkelmateriaal dat van de bergen op de boswegen valt, terug fijn frezen en nivelleren. Elke gemeente in Vlaanderen heeft wel een grindpad die er in erbarmelijke toestand bijligt.” Voor deze activiteit kocht de zaakvoerder een Fendt 930 met steenfrees. Goed en wel, maar hij moest zich nog kenbaar maken. Promotie maken voor wegrenovaties doet Willem onder de naam RoadRoller, rijplezier gegarandeerd!

Twee bestaande bedrijven overgenomen.
In 2010 trok Claeys naar de Ververij in het industrieterrein van Waarschoot. Willem kocht er twee bestaande loodsen waar ze vroeger weefgetouwen in verf dompelden. In dat najaar moest de loonwerker het even stellen zonder zijn machinist die zijn verlof had gespaard voor de maïscampagne bij een ander bedrijf. De oogst verliep daar niet van een leien dakje en Claeys rukte vaak uit om zijn kameraad los te trekken uit de modder. “Die andere loonwerker had het echt gehad en zette zijn materiaal te koop op internet”, bekent Willem. “Mijn chauffeur vroeg of zo’n overname niets voor mij was. Toen het materieel na nieuwjaar steeds niet verkocht was, ben ik mijn licht gaan opsteken. Het klikte en de deal was snel beklonken. Niet veel later kwam er een tweede bedrijf te koop, een opportuniteit die ik niet kon laten schieten. De machines en de klanten voegden wij samen tot één mooi geheel. Het personeel mocht blijven en de boeren waren blij dat ze verder konden werken met hun vertrouwde gezichten.” Visitekaartje van het bedrijf waren en zijn de Dezeure Silocruisers op hoge wielen, in die tijd de enige in het Meetjesland. Ondertussen staan er zes zulke karren geparkeerd in de loods. Met mondjesmaat breidden de werkzaamheden uit. Het bedrijf ging gras oprapen, bollen persen, maïs planten en zopas ook graan dorsen.

SIZED__Q4A8365“Een beetje vet is geen verlet.”
Willem heeft een speciale band met zijn eerste Fendt 930. Daarmee freesde hij meer dan 10.000 uren. In het begin moest hij even wennen aan zijn nieuwe combinatie. Bovendien had hij nooit eerder met een steenfrees gewerkt. Claeys geeft aan dat het een hele kunst is om de machine slijtagevriendelijk te gebruiken, het mechanisme van de machine werkt met hamers en tegenmessen. Vroeger ruilde de zaakvoerder de tractoren in op 5.000 werkuren om probleemloos te rijden en alsnog een hoge restwaarde te ontvangen. Sinds hij landbouwloonwerken doet lukt dat echter niet meer. Het bedrijf telt ondertussen acht trekkers van een Fendt 720 tot een 936 waarmee ze elk jaar tussen de 1.000 à 1.500 uren rijden. Willem is lovend over de twee Fendt´s 828. Ze staan op een werkbreedte van 2,55 meter en zijn dus ideaal voor transport. Ook aan de opraapwagens zijn ze sterk en wendbaar. Het onderhoud gebeurt grotendeels in de Ververij. “Ik kan het niet verdragen dat we staan te prutsen in het veld. Ik moedig de chauffeurs aan om vaak te smeren en mee te sleutelen. Overleg met personeel is noodzakelijk. Na ieder seizoen stellen we onszelf de vraag waar we het niet goed deden of wat voor verbetering vatbaar is.”

RoadRoller
SIZED__Q4A4990Iedereen kent ze wel, de grindweggetjes waar je de schokdempers van je wagen op stuk rijdt. De eerste stap van zo’n herstelling is het frezen van de bovenlaag naargelang de diepte van de oneffenheden of putten in het wegdek. Als het moet kan dat tot 40 centimeter diep. Vervolgens gaan ze het oppervlak egaliseren en nivelleren met een schaaf. De pad ligt immers best een beetje bol zodat het water weg kan. Daarna wordt de boel aangedrukt door drie trilplaten vooraan de tractor met elk een slagkracht van zes ton. Zo is de weg snel en efficiënt gerenoveerd. Om het proces duurzamer te maken kan er gewerkt worden met cement of kalk en kan er extra steen-, meng-, of betonpuin aangevoerd worden. Daarvoor beschikt Claeys over vijf Dezeure-gronddumpers en twee Hitachi-rupskraantjes. Binnenkort gaan er twee oudere tandems weg die plaats maken voor een vierde 3-asser en een nieuwe 2-asser. Rijden deze karren niet mee voor wegrenovaties, dan staan ze in de verhuur. De invoering van de kilometerheffing was een extra kost en Willem was verplicht acht OBU’s aan te kopen. In Waarschoot rijden ze onder de vorm van dubbel gebruik en kiezen ze er voor de accijnzen bij te betalen. Wanneer RoadRoller buiten Oost-Vlaanderen gaat zijn ze eerder geneigd om daar de lokale loon- of grondwerker in te schakelen voor transport.

 

Wilt u op de hoogte blijven van wat er omgaat in de wereld van loonwerk en landbouwmechanisatie? Neem dan snel een abonnement op De Loonwerker!

 

Tekst en beeld: Tom Govaerts

Bewaren

Bewaren

%d bloggers liken dit: