JF AV stalmeststrooier: polyvalent en eenvoud troef

Zes decennia geleden vond je op ieder landbouwbedrijf, of het nu om een akkerbouw- of melkveebedrijf ging, in de bedrijfsinventaris wel een stalmeststrooier terug. Niet alleen Belgische, Nederlandse, Franse en Duitse fabrikanten legden zich toe op het produceren van dit manusje van alles, maar ook het Deense JF. Bij de meeste fabrikanten werden de strooiwalsen door een rollenketting aangedreven, JF koos er echter voor om de AV-stalmeststrooiers uit te rusten met een strooimechanisme dat door V-snaren werd aangedreven.

Tweewielige landbouwwagen-stalmeststrooier

Tijdens de DLG beurs te Hannover in september 1956 werd de JF Uniwagen type AV 2 voor de eerste keer aan het grote publiek getoond. De Duitse landbouwpers omschreef de JF Uniwagen als polyvalent en eenvoudig van opzet. De JF Uniwagen kon immers worden uitgerust met een laadinstallatie aan de rechterkant van de wagen voor het laden van mest, compost, hooi, groenvoeder, bieten, enz,) en door de aftakasaandrijving verkreeg je een zelflossende landbouwwagen-mestverspreider. Kenmerkend voor de JF AV-landbouwwagen-stalmeststrooier was de V-snaarpoelie en V-snaar waarmee het strooi-aggregaat werd aangedreven.

De JF Uniwagen werd in Nederland aangeboden door Centraal Bureau te Rotterdam. Tijdens een demonstratie met als thema ‘transport van gerooide suikerbieten’ in oktober 1958 te Usquert (Groningen) toonde men de Uniwagen met aangebouwde bietentransporteur. In plaats van het spreidmechanisme was een opvoertransporteur ter breedte van de wagen aangebracht, waarmee bieten aan een hoop werden gelost. Deze transporteur bestond uit een frame van buis, een roosterbodem van hoekijzer, houten zijschotten en een transportketting bestaande uit op twee ewartkettingen bevestigde houten meenemers. De aandrijving van deze kettingen geschiedde door een V-snaar. Tijdens de demo maakte de JF Uniwagen een goede indruk. Het verslag luidde:  ‘Het opvoerrooster achter de bak werkt uitstekend en maakt een storthoogte van 1,80 – 1,90 meter van de bieten mogelijk. De losduur van een vracht van 1.800 kg bedraagt daarbij 2,5 minuten.’ Een kanttekening was wel dat door de natte rooiomstandigheden er van de reiniging van de bieten door het opvoerrooster weinig terecht kwam en dat de uitgezeefde grond bovendien op de bietenhoop achter bleef. Bij intensief gebruik van de opvoertransporteur kwam er ook nogal veel breuk van de dwarslatten voor. De JF Uniwagen met mestverspreider was in oktober 1958 geprijsd voor 2.375 Hfl, voor de bietentransporteur moest 400 Hfl extra worden betaald.

Universeel ontwerp

Van bij de introductie werd de JF gepromoot als een wagen met zeer veel mogelijkheden, vandaar dat er bovenaan de informatiefolder ook expliciet ‘landbouwwagen’ was vermeld. Sterk punt van de AV-wagens was dat JF af fabriek verschillende toebehoren kon leveren ook voor de reeds geleverde wagens. Zo kon men kiezen uit een dwarstransporteur, oogsthekkens, een breedstrooiwals voor het strooien van kalk en schuimaarde, opzetstukken, een hakselopbouw en een Kombi-ontlader.

Eind de jaren 1950 maakte het inkuilen van gras met de maaikneuzer een sterke opgang. JF had niet alleen de FH-maaikneuzer in zijn programma, maar profiteerde van deze ontwikkeling doordat de JF AV-stalmeststrooier gemakkelijk kon worden omgebouwd tot een silagewagen. Voor het opvangen van het gekneusde gras werd de stalmeststrooier voorzien van hoge oogsthekkens aan de zijkanten en de achterkant nadat het spreidapparaat was afgenomen. De voorkant van de wagen bleef open zodat men een goed idee had van de vullingsgraad van de wagen. Afhankelijk van het model bedroeg de inhoud 8,5 of 11 m³.

JF startte in 1957 met de serieproductie van een landbouwwagen-mestverspeider met aftakasaandrijving die aanvankelijk de typeaanduiding ‘Uniwagen’ meekreeg. De eerste series van de JF Uni-Wagen type konden worden uitgerust met een zijdelings gemonteerde mechanische laadschop voor het laden van stalmest, bieten enz.

 

 

AV 3 : meest populaire type

De JF AV landbouwwagen-stalmeststrooier kon praktisch gans het jaar worden ingezet zoals blijkt uit deze publiciteit van 1961. Het type AV 2 was goed voor een laadvermogen van 2,5 ton en de AV 3 had een laadvermogen van 3 ton.

Begin de jaren 1970 bestond de JF AV-serie uit vier modellen: het type AV 3, het type AV 35, het type AV 40 en de grootste wagen AV 50. Het type AV 3 was het meest verkochte model en werd in meer dan 20 landen verkocht. Het laadvermogen bedroeg 3.000 kg en de bandenmaat was 11.5 x 16. Bij het type AV 35 was de frameconstructie en de bandenmaat gelijk aan die van de AV 3, maar de afmetingen van de laadvloer waren groter. Het type AV 40 werd gekenmerkt door een zwaardere frameconstructie en grotere laadvloer en was uitgevoerd met een zwaardere bodemketting en grotere 14 x 16 banden. Het laadvermogen bedroeg 4.000 kg. Het type AV 50 was door zijn constructie en afmetingen uitermate geschikt voor grotere bedrijven en loonwerkers. De 13.5 x 16 banden ondersteunden de laadvloer van 4,40 x 1,70 m,  goed voor een laadvermogen van 5.000 kg. Bij alle typen bevond de wielas zich achter het midden van de laadbak. Als de wagen geladen was, rustte ruim één derde van het gewicht van de wagen en de lading op de achterwielen van de tractor. Hierdoor werd de trekkracht van de tractor belangrijk vergroot omdat de achteras van de trekker werd belast. Bij het leegdraaien trad er echter een ontlasting op als de wagen ongeveer twee derde leeg was.

De hoogte van de laadvloer van de AV 2 en AV 3 bedroeg 85 cm wat destijds niet onbelangrijk was, want in het verleden werd een stalmeststrooier nog veel geladen in handwerk met een mestvork. Het rechter zijschot was naar beneden geklapt om het gemakkelijk laden subtiel te illustreren.

 

 

JF en Jens Freudendahl 

Stichter van JF was de ingenieur Jens Freudendahl die in 1951 startte met de serieproductie van een zelfbinder. De eerste geproduceerde zelfbinders kregen de merknaam JF mee, naar de initialen van de oprichter Jens Freudendahl. In totaal bouwde JF 70.000 zelfbinders.

Een ander succesproduct van JF was de landbouwwagen-stalmeststrooier met typeaanduiding AV waarmee in 1956 werd gestart. Typisch voor deze stalmeststrooier was de eenvoudige en toch duurzame aandrijving van de strooiwalsen door V-snaren. JF had immers al veel ervaring opgedaan met V-snaaraandrijving bij de zelfbinder.

Het was dan ook geen toeval dat de JF-ingenieurs deze aandrijftechniek met V-riemen en -snaren ook toepasten in de MS 5 inbouwmaaidorser die in 1961 werd voorgesteld. Via V-snaren regelde men de toerentallen van dorstrommel, schudders, ventilator en reinigingssysteem.

In Nederland was in de jaren 1950 en 1960 “Centraal Bureau” – Nationaal Coöp. Aan- en Verkoopvereniging voor de Landbouw te Rotterdam JF-importeur. In België richtte JF in 1964 een eigen fabrieksvestiging op te Waterloo.

In 2011 ging JF failliet en werd overgenomen door Kongskilde Industries. In 2016 kocht CNH Industrial Kongskilde Industries van het Deense Danks Landbrugs Grovvareselskab (DLG).

One comment on “JF AV stalmeststrooier: polyvalent en eenvoud troef

  • 14 feb 2020 om 09:21
    Permalink

    Prijzen om van weg te dromen..;
    JF heeft ooit een « pikbinder » gemaakt die vooraan op de trekker gemonteerd werd, heeft er iemand daar nog foto’s van?

Reacties zijn gesloten.

%d bloggers liken dit: